Je energietermijnbedrag voor de winter: te laag, te hoog of precies goed?
Het termijnbedrag voor energie is een schatting, en in de herfst blijkt vaak of die klopt. Zo controleer je in een kwartier of je genoeg betaalt, wat je doet als het te laag of te hoog is, en hoe je de jaarafrekening als stel zonder verrassingen opvangt.
Het termijnbedrag voor gas en stroom is de enige vaste last die eigenlijk geen vaste last is. Het is een voorschot: een schatting van wat je over een jaar gaat verbruiken, gedeeld door twaalf. Eén keer per jaar komt de afrekening, en dan blijkt of de schatting klopte. Voor veel huishoudens is dat de grootste onverwachte post van het jaar, in beide richtingen. Het begin van het stookseizoen is het moment om te controleren of je goed zit, want vanaf nu lopen de meterstanden hard op.
Waarom het termijnbedrag zo vaak niet klopt
De leverancier baseert het termijnbedrag op je verbruik van vorig jaar en op het tarief dat je nu betaalt. Dat gaat mis op het moment dat er iets verandert:
- Je bent verhuisd. Het termijnbedrag is dan een schatting op basis van het type woning en het aantal bewoners, niet op basis van jullie gedrag. Vooral het eerste jaar in een nieuw huis zit het er vaak flink naast.
- Je contract is veranderd. Van een vast naar een variabel contract, of een nieuw vast tarief na afloop van het oude. Het termijnbedrag wordt meestal aangepast, maar niet altijd meteen en niet altijd goed.
- Je verbruik is veranderd. Iemand is thuis gaan werken, er is een kind bijgekomen, er ligt een warmtepomp of een elektrische auto aan de laadpaal. Of juist andersom: betere isolatie, zonnepanelen, de oude vriezer weg.
- Zonnepanelen. De regels voor terugleveren veranderen de komende jaren. Wat je vorig jaar terugkreeg, zegt daardoor minder over dit jaar dan je zou willen. Kijk in je contract wat je leverancier rekent voor terugleveren.
Een termijnbedrag dat een jaar lang vijftig euro te laag is, geeft een afrekening van zeshonderd euro in de maand waarin je er niet op rekent. Een termijnbedrag dat vijftig euro te hoog is, geeft een leuke teruggave, maar je hebt dan wel een jaar lang renteloos geld uitgeleend aan je leverancier terwijl je het zelf had kunnen gebruiken.
De controle in drie stappen
1. Zoek je verbruik van vorig jaar op
Op je laatste jaarafrekening staat je verbruik in kilowatturen stroom en kubieke meters gas (of gigajoules bij stadsverwarming). Heb je een slimme meter, dan laat de app van je leverancier of netbeheerder het verbruik per maand zien. Noteer het jaartotaal, en noteer ook of er dit jaar iets structureel anders is dan vorig jaar.
2. Reken het verbruik om met je huidige tarieven
Op je contract of in je account staan de tarieven per kilowattuur en per kubieke meter, inclusief energiebelasting en btw. Vermenigvuldig je verwachte jaarverbruik met die tarieven, tel de vaste leveringskosten en de netbeheerkosten van beide netten erbij en trek de vermindering energiebelasting eraf. Dat laatste is een vast bedrag per aansluiting dat je elk jaar terugkrijgt; het staat op de afrekening. De meeste leveranciers hebben hiervoor een rekenhulp in je account, en die mag je gewoon gebruiken.
3. Vergelijk met twaalf keer je termijnbedrag
Komt je berekening binnen een paar tientjes per maand uit op wat je nu betaalt, dan zit je goed. Zit er meer tussen, dan is het tijd om in te grijpen. Doe deze controle elk jaar in september of oktober, en nog een keer in januari als je een variabel contract hebt en de tarieven zijn aangepast. Het past precies in een kwartaalcheck.
Te laag: verhogen, of apart reserveren
Bij de meeste leveranciers kun je het termijnbedrag zelf verhogen in je account. Dat is de eenvoudigste route: het geld is weg voordat je het mist, en de afrekening wordt een non-event. Vind je het vervelend om meer aan de leverancier te geven dan nodig, zet het verschil dan elke maand apart op een spaarrekening of in een buffer. Dat levert een beetje rente op en het geld blijft van jou, maar het vraagt wel discipline om het er niet voor iets anders af te halen. Kies wat bij jullie past, maar kies.
Laat je het staan, dan is de vraag niet óf de afrekening tegenvalt, maar hoe je die betaalt. Een betalingsregeling met de leverancier kan, maar het is prettiger om er in januari niet van afhankelijk te zijn.
Te hoog: verlagen, maar niet tot op het randje
Betaal je structureel te veel, dan kun je het termijnbedrag verlagen. Doe dat met mate. De leverancier bouwt bewust een marge in voor een koude winter, en een verlaging tot precies het berekende bedrag geeft bij een strenge januari alsnog een naheffing. Verlaag tot iets boven je eigen berekening, en zet het verschil met het oude bedrag meteen om in een hogere inleg voor een spaardoel. Dan verdwijnt het niet in de dagelijkse uitgaven.
Vast of variabel, in twee alinea's
Bij een vast contract staat je tarief een, twee of drie jaar vast; je weet precies wat je betaalt, en je betaalt een opslag voor die zekerheid. Bij een variabel contract beweegt het tarief mee met de markt, meestal elk half jaar of elke maand; gemiddeld goedkoper, maar je termijnbedrag kan halverwege het jaar veranderen. Let bij een vast contract op de opzegvergoeding als je er eerder uit wilt.
Welke je kiest, hangt af van hoeveel onzekerheid jullie begroting aankan. Met een ruime buffer en een variabele rekening kun je een dure winter opvangen. Met een krappe begroting is een vast contract rust waard, ook als het achteraf iets duurder blijkt. Het is geen weddenschap op de energieprijs; het is een keuze over hoeveel schommeling je wilt.
De jaarafrekening als jaarlast behandelen
Hoe goed je ook rekent, de afrekening is nooit precies nul. Behandel haar daarom als een jaarlast: een post die één keer per jaar valt, in een bekende maand, voor een bedrag dat je grofweg kunt inschatten. Reserveer er maandelijks een deel voor, net als voor de wegenbelasting of de gemeentelijke heffingen. Valt de afrekening mee, dan heb je een meevaller; valt ze tegen, dan staat het geld er al.
Voor stellen: één post, één sleutel, ook bij de afrekening
Energie is bij bijna iedereen een gezamenlijke last, verdeeld volgens de sleutel die jullie ook voor de huur of hypotheek gebruiken. Spreek af dat de jaarafrekening met dezelfde sleutel wordt verdeeld, in beide richtingen. Een teruggave van driehonderd euro die op de rekening van degene komt wiens naam op het contract staat, is niet van die persoon; hij is van jullie, in de verhouding waarin jullie het termijnbedrag betaalden. Het klinkt vanzelfsprekend, en toch wordt er elk jaar over gediscussieerd.
Zo helpt de app
In WoFin staat het termijnbedrag als gezamenlijke post onder Samen, met de verdeelsleutel; pas je het bedrag aan, dan verandert wat ieder overmaakt meteen mee. De jaarafrekening zet je als jaarlast neer in de maand waarin ze valt, en de app rekent haar terug naar een maandbedrag dat in de begroting zit. Onder Ik · Jaar zie je dan dat die maand anders uitpakt, en de kaart Deze maand waarschuwt wanneer ze eraan komt. Loopt het energiecontract af, dan houdt Abonnementen en contracten de einddatum bij en herinnert je op tijd.
Lees ook
Meer artikelen
-
Een dag minder werken: wat kost het echt per maand?
Een dag minder werken klinkt als twintig procent minder salaris, maar netto is het meestal minder, en in je begroting vaak weer meer. Zo reken je het eerlijk door: salaris, toeslagen, pensioen, kinderopvang en de verdeling met je partner.
-
Zorgverzekering overstappen: in oktober voorbereiden, in november kiezen
Half november maken de verzekeraars hun premies bekend en dan is het rennen. Wie in oktober alvast het eigen zorggebruik en de aanvullende dekking op een rij zet, kiest in november in een half uur. Met de kalender, de valkuilen en wat jullie als stel afspreken.
-
Wie heeft de boodschappen betaald? Voorschieten en verrekenen zonder gedoe
De een betaalt de boodschappen van de eigen rekening, de ander het cadeau voor een gezamenlijke vriend. Na een maand weet niemand meer wie wat tegoed heeft. Vijf afspraken waarmee voorschieten simpel blijft, en wat je juist níét moet verrekenen.
Samen begroten, zonder spreadsheet en zonder bankkoppeling
WoFin is gratis. Je vult zelf in wat er binnenkomt en uitgaat; alleen jij en je partner zien jullie cijfers.