De verdeelsleutel: wat is het en welke past bij jullie?
Een verdeelsleutel bepaalt welk deel van de gezamenlijke kosten ieder betaalt. Vijf gangbare sleutels met één rekenvoorbeeld naast elkaar, plus wanneer je de sleutel bijstelt.
Wie samenwoont, betaalt samen de huur, de energie en de boodschappen. Maar wie betaalt welk deel? Het antwoord op die vraag heet de verdeelsleutel: de afspraak welk aandeel van de gezamenlijke kosten ieder voor zijn rekening neemt. Dat kan "de helft ieder" zijn, maar ook 60/40 of een sleutel die meebeweegt met jullie inkomens.
Er is geen sleutel die voor iedereen eerlijk is. Wel kun je zien wat een sleutel in jullie situatie betekent. Daarom hieronder vijf gangbare sleutels met steeds hetzelfde rekenvoorbeeld.
Het rekenvoorbeeld
Sanne verdient netto € 3.200 per maand, Daan € 2.400. Hun gezamenlijke lasten (wonen, energie, verzekeringen, boodschappen en reserveringen) zijn samen € 2.100 per maand. Wat overblijft, is voor ieder om zelf te besteden.
1. De helft ieder (50/50)
Ieder betaalt € 1.050. Sanne houdt € 2.150 over, Daan € 1.350.
- Goed: eenvoudig, en het voelt gelijkwaardig zolang jullie ongeveer hetzelfde verdienen.
- Minder goed: bij een inkomensverschil houdt de een veel minder over. Daan betaalt 44 procent van zijn inkomen aan de gezamenlijke lasten, Sanne 33 procent. Dat wringt vaak pas na een tijdje, bijvoorbeeld als Daan steeds "nee" zegt tegen een etentje buiten de deur.
2. Een vast percentage
Jullie spreken een vaste verhouding af, bijvoorbeeld 60/40. Sanne betaalt dan € 1.260 en houdt € 1.940 over, Daan betaalt € 840 en houdt € 1.560 over.
- Goed: duidelijk, en je kunt het afronden op iets dat goed voelt.
- Minder goed: de verhouding beweegt niet mee als een salaris verandert. Na een loonsverhoging of een dag minder werken klopt de afspraak niet meer, tenzij jullie hem zelf aanpassen.
3. Naar rato van het netto inkomen
Ieder betaalt hetzelfde percentage van het eigen inkomen. Samen verdienen ze € 5.600, waarvan Sanne 57 procent. Sanne betaalt dan € 1.200 en houdt € 2.000 over, Daan betaalt € 900 en houdt € 1.500 over. Allebei betalen ze 37,5 procent van hun inkomen.
- Goed: de meest gekozen sleutel bij een inkomensverschil, omdat ieder naar draagkracht bijdraagt. En hij beweegt vanzelf mee als een inkomen verandert.
- Minder goed: wie meer verdient, houdt ook meer over. Voor de meeste stellen is dat juist eerlijk, voor sommige niet.
Reken naar rato van het netto inkomen, niet het bruto. Het netto inkomen is wat er echt binnenkomt, na belasting en inclusief toeslagen of een vast deel van het vakantiegeld als jullie dat meetellen. Op de pagina kosten verdelen reken je de bedragen voor jullie eigen inkomens uit.
4. Naar rato, na de eigen vaste lasten
Een variant op de vorige: je trekt eerst de vaste lasten af die ieder alleen heeft en niet kan vermijden, zoals de zorgverzekering, een studieschuld of alimentatie. Stel dat Sanne € 400 aan eigen vaste lasten heeft en Daan € 250. Dan blijft er € 2.800 en € 2.150 over, samen € 4.950. Sanne betaalt daarvan 57 procent: € 1.188, Daan € 912.
- Goed: eerlijker als één van jullie een grote eigen last heeft, zoals een studieschuld.
- Minder goed: je moet afspreken welke eigen lasten meetellen. Een sportabonnement of een dure telefoon horen er meestal niet bij.
5. Gelijk overhouden
De omgekeerde redenering: jullie leggen zoveel in dat ieder daarna hetzelfde vrij te besteden heeft. Samen houden ze € 5.600 − € 2.100 = € 3.500 over, ieder € 1.750. Sanne legt dan € 1.450 in, Daan € 650.
- Goed: voelt voor stellen die alles als "ons geld" zien als de eerlijkste. Werkt goed als één van jullie tijdelijk minder verdient, bijvoorbeeld tijdens ouderschapsverlof.
- Minder goed: wie meer verdient, heeft er niets van over. Praat dat goed uit, zodat het geen stille wrevel wordt.
Alle vijf naast elkaar
| Sleutel | Sanne betaalt | Daan betaalt | Sanne houdt over | Daan houdt over |
|---|---|---|---|---|
| De helft ieder | € 1.050 | € 1.050 | € 2.150 | € 1.350 |
| Vast 60/40 | € 1.260 | € 840 | € 1.940 | € 1.560 |
| Naar rato netto | € 1.200 | € 900 | € 2.000 | € 1.500 |
| Naar rato na eigen lasten | € 1.188 | € 912 | € 1.612 | € 1.238 |
| Gelijk overhouden | € 1.450 | € 650 | € 1.750 | € 1.750 |
Bij "naar rato na eigen lasten" is het overgebleven bedrag ná de eigen vaste lasten van ieder.
Niet elke post hoeft dezelfde sleutel te hebben
Veel stellen gebruiken één sleutel voor bijna alles en een andere voor een paar posten. Bijvoorbeeld:
- Wonen naar rato, omdat het de grootste post is en het verschil daar het meest telt.
- Boodschappen de helft ieder, omdat jullie allebei evenveel eten.
- De auto naar gebruik, als de een er veel meer in rijdt. Houd een paar maanden de kilometers bij en reken daarmee.
- Spaardoelen naar keuze: voor de vakantie samen naar rato, voor de nieuwe bank misschien de helft ieder.
Houd het overzichtelijk: twee of drie sleutels is genoeg. Wie voor elke post een andere sleutel kiest, weet na een half jaar niet meer waarom.
Wanneer stel je de sleutel bij?
Een verdeelsleutel is geen afspraak voor altijd. Kijk er opnieuw naar als:
- een salaris verandert, bij een nieuwe baan, een loonsverhoging of in januari als de nettobedragen veranderen;
- één van jullie minder gaat werken, voor de kinderen, een studie of een dag minder;
- er een grote nieuwe gezamenlijke last bijkomt, zoals een kind, een hypotheek of een auto;
- één van jullie merkt dat het niet meer goed voelt. Dat is reden genoeg.
Spreek de sleutel samen af in het geldgesprek, en schrijf op waarom jullie hem kozen. Dat helpt later, als jullie hem opnieuw bekijken.
Zo helpt de app
In WoFin krijgt elke gezamenlijke post een verdeelsleutel: de helft ieder, een vast percentage of naar rato van jullie netto inkomens. Je kunt ook een eigen sleutel toevoegen, bijvoorbeeld 70/30 voor de auto, en die per post kiezen. De app telt alles op en laat zien wat ieder per maand naar de gezamenlijke rekening overmaakt. Kiezen jullie naar rato, dan past het bedrag zich aan zodra je een nieuw salaris invult. Wil je "gelijk overhouden", reken dan het percentage één keer uit zoals hierboven en zet het als vast percentage; pas het aan als een inkomen verandert.
Lees ook
Meer artikelen
-
Eerste kind op komst: zo verandert jullie begroting
Een kind verandert niet alleen je nachten maar ook je begroting, en vaak op een andere manier dan je verwacht. Wat er bijkomt, wat er afgaat, wat er verschuift tussen jullie twee, en de drie afspraken die je het best vóór de geboorte maakt.
-
Gezamenlijke rekening: welke vorm past bij jullie?
Alles op één rekening, alles apart, of een gezamenlijke rekening naast je eigen rekening? De vier gangbare vormen op een rij, met de voor- en nadelen en een stappenplan om het drie-rekeningenmodel in te richten.
-
Het eerste geldgesprek: tien vragen voor jou en je partner
Over geld praten met je partner hoeft geen zwaar gesprek te zijn. Met deze tien vragen weet je na een avond precies hoe jullie ervoor staan en wat je samen afspreekt.
Samen begroten, zonder spreadsheet en zonder bankkoppeling
Gratis beginnen; meer met WoFin Plus. Je vult zelf in wat er binnenkomt en uitgaat; alleen jij en je partner zien jullie cijfers.